Maar….er is nog meer in Nieuw-Zeeland. Vorige keer schreef ik al over de Pinot Noir die, door zijn dominante zusje Sauvignon Blanc, wel eens naar achter wordt gedrukt. Maar waar de Pinot zijn hoofd nog wel boven water weet te houden hebben de andere broertjes en zusjes het echt zwaar. Terwijl ze zo mooi zijn!
Toen ik in Nieuw-Zeeland op vakantie was heb ik in het gebied Nelson een wijntourtje genoten. Super decadent werden we met een Mercedes van wijngaard naar wijngaard gereden. Een heerlijk tochtje en dat kwam niet alleen door de wijnen. De jonge wijnmakers, vaak rond de 30, hadden niets van het snobisme dat Franse wijnmakers kunnen hebben. Ze spraken over wijn alsof het cola was. Wel hele goede cola dan! Voor hun was wijn, mits er geen fouten inzaten, een puur particuliere beleving. De één vindt je lekker en de ander niet. De één houdt van Pepsi, de ander van Coca-Cola. En ikzelf hou überhaupt niet van cola.
Deze benadering van wijn geef lucht. Want als je de wijn van een wijnboer niet lekker vindt mag je het gewoon zeggen. Je beledigt ze er niet door (behalve dan als je echt al zijn wijnen af zou kraken). Je hoeft geen ‘er-om-heen-draai-verhaal’ te houden omdat je zijn wijn niet te pruimen vindt maar ook niet het ‘Chateau’ afgeschopt wordt.
Dan de wijnen die ik geproefd heb. Laat ik ook maar gewoon eerlijk zeggen wat ik ervan vind; eentje lekker en de ander niet. Maar dat is puur persoonlijk natuurlijk. Voor hetzelfde geld vind jij ze
fantastisch.
Lekker:
‘Man O’ War’ Ironclad 2008, Waiheke Island, Nieuw Zeeland.
Hele volle, bijna smeuïge wijn. Pruimen, bramen, bessen en nog een zooi zwart fruit. Met mooie terughoudende vanille-tonen.
Niet lekker:
Main Divide Riesling 2006
Bloemen en wat honing en een lekker bittertje aan het eind. Alleen mist het wat zuren waardoor hij niet zo fris aandoet.
Plaats een nieuwe reactie