Begin met zoete wijn

Onder zoete wijn versta ik: dessertwijn. Of in ieder geval een wijn met natuurlijke restsuikers. Heerlijk stroperig, maar nog net zo fris dat je wel het gevoel van wijn houdt.

Kaas als gezelschap
Een zorgvuldig gekozen fles Banyuls of Vin Santo hebben uitstekend gezelschap aan een mooie oude kaas, blauwschimmelkaas of desserts met herfstfruit; gecaramelliseerde appeltjes, gekonfijte pruimen, gestoofde kweeperen en dat soort werk. En dan niet te zuinig natuurlijk. Over een fraaie foie gras mag ik dit geval niet reppen, maar in ganzenvet gegaarde wilde levertjes zijn ook niet te versmaden en zo hou je in ieder geval je gemoedsrust.

Geen respect
Meestal wordt een zoete wijn genuttigd aan het einde van de dis. Dan krijgt de wijn veelal niet de aandacht en respect die ze verdient. De papillen zijn niet zelden door de voorafgaande spijsgangen door de onstuimig geconsumeerde flessen wijnietwat onstabiel geworden. En zo krijgt de fles zoete weelde geheel ten onrechte de status van verplicht nummertje bij de afsluiting van het diner.

Lever in de ban
Zoete wijn prefereer ik eigenlijk aan het begin van het diner. De vette levers zijn door diverse maatschappelijke organisaties in de ban gedaan, maar er zijn voldoende andere mogelijkheden die een fraaie zoete wijn rechtvaardigen. Ik denk bijvoorbeeld aan een mooie paté, het is tenslotte weer tijd voor deze herfstige gerechten, een tarte tatin van ui en kweepeer met koriander, met laurier gepofte appeltjes met vossenbessen en tijm.

Reden genoeg om echte zoete wijn aan het begin van de dis te plaatsen dus!

 

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden