Biologische wijnbouw: help de wijnranken zichzelf te helpen

Ik heb drie broers, twee oudere en één jongere, slechts 18 maanden er tussen. Dat betekent dat mijn ouders thuis te maken hadden met vier aspirantvoetballers, -bankovervallers en –musketiers. Vier kinderen die nooit eens zachtjes een boek lazen of hun huiswerk deden. Ik denk dat de schooltijd wel oké was, maar dat de eeuwigdurende zomervakantie van twee maanden elk jaar voor mijn ouders weer aanvoelde als het beklimmen van de Mount Everest.
 
Kip in een schoenendoos
In een bepaalde zomer bracht mijn vader een keer vier kippen mee naar huis: een gele, een roze, een oranje en een bruine. Wij kozen er allemaal één uit en begonnen ze te voeren en te verzorgen. Mijn broer Jorge was (en is) zorgzaam en teder. Zoals het bij zijn karakter past, woonde zijn kip in een schoenendoos bekleed met zachte wol en kreeg hij muesli als ontbijt. De andere drie broers (Jacobo, José en Diego) brachten uren door met het achterna zitten van hun kippen, lieten ze van tafels en takken springen (om ze te leren vliegen natuurlijk) en voerden ze wormen en insecten die ze zelf gevangen hadden.
 
De trap af
Op een middag nam Jorge, verveeld door het alleen maar kijken naar en aaien van zijn kip, haar uit de schoenendoos en vergezelde ons drieën. Zijn kip (de oranje) leek heel blij met haar gele, bruine en roze maatjes en begon ze meteen te volgen. Dus de vier kippen liepen rond op de patio en gingen de drie trappen af die naar de velden leidden.
Eén, twee, drie kippen bereikten de velden via dezelfde trappen waar ze altijd vanaf gingen, maar de vierde, de oranje kip, ging dood toen ‘ie van de eerste trap afsprong. Jorge was heel verdrietig en natuurlijk lachten wij hem uit... We waren kinderen en het was onschuldig.  

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden