De eerste schreden op het wijnpad

Afgelopen vrijdag was ik te gast bij Paul die voor een 2e keer een wijnproefavond voor zijn dochter Lucille en haar vrienden en huisgenoten organiseerde. De 1e keer was een daverend succes en eigenlijk zat er te lang tussen die en deze bijeenkomst. Als “deskundige” was ik de eerste keer al aanwezig, waarbij mij het meeste bijbleef dat spuuginstructies niet gevolgd werden en na afloop serieus voorgesteld werd om de blend die leeggekieperd was uit de erg vol ingeschonken glazen in de wel aanwezige spuugemmers alsnog te consumeren.

 

Mijn eigen introductie in het wijnproeven moet plaatsgevonden hebben ergens in het voorjaar van 1975. Ik woonde in een dorpje met 500 inwoners en 1000 koeien. In het dijkhuisje tegenover mijn ouderlijk huis woonde een kunstenaar, Maarten Walters. Voor mij als tiener al meteen een fenomeen. Hij speelde gitaar en had naar eigen zeggen nog een blauwe maandag meegespeeld in Fairport Convention (maar nog wel voor de legendarische zangeres Sandy Denny er bij kwam). Als beeldend kunstenaar probeerde hij een boterham te verdienen. Soms verkocht hij werk en van hem leerde ik het motto: een derde van de inkomsten zijn voor het huishouden, een derde voor materiaal voor het schilderen of etsen en een derde voor boeken en wijn. Het kan zijn dat de verhoudingen wat anders lagen, maar deze leefregels volg ik nog steeds daar waar het extra inkomsten betreft.

 

Maarten was degene die mij dan ook introduceerde in de wijnwereld. In mijn idee betrof het een combinatie van een expositie met een wijnproeverij bij Ed en Ann Philipse in Den Briel. Hij ging en ik mocht mee. Tussen de vele etiketten en andere zaken die ik mijn levenlang al bewaar zit ook nog de lijst met wijnen die ik daar proefde met ook mijn eerste aantekeningen. Bij slechts een beperkt deel zijn de plusjes en de minnetjes aangebracht. Ik vermoed dat ik in die tijd ook nog niet van uitspugen gehoord had. Als rechtgeaard bierdrinker zal ik me ook ontfermd hebben over de volledige inhoud van de glazen. Vooral de herinnering aan de zeker onaangepaste indruk die ik achter gelaten moet hebben bij de notabelen van het eiland is me bij gebleven, niet de kennismaking met een Beaujolais primeur, een Barbera delle Langhe, een Vacqueras, een Bourgogne, een Chorey les Beaune, een Fixin, een Niersteiner Klostergarten QBA, een Pettenthal Kabinett of een Longuicher Probstberg Auslese tegen Hollandse gulden prijzen.

 

Welke wijnen zullen Lucille en haar vrienden zich over 35 jaar nog kunnen herinneren? De avond bestond voor de helft uit nieuwe wereldwijnen en die scoorden toch over het geheel beduidend beter als de zorgvuldig uit de kelder van pa en ondergetekende gekozen wijnen. De oude wereld is niet meer in vrees ik…

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden