Op de groei

Na de problemen met meeldauw die we vorige week hadden, is het weer goed gebleven. De sporen van meeldauw drogen op, waardoor ze zich niet kunnen vermenigvuldigen (als meeldauw kindjes wil krijgen, hebben de schimmels tien millimeter regen nodig of een ochtend vol mist) en ik ben dus genezen van deze plantenziekte.

 

Volgens mijn eigenaar is vorig jaar 15 procent van de oogst vernietigd. Maar nu, met stabiel, zonnig weer in het vooruitzicht, en voldoende water en mineralen voor mijn wortels, besteed ik al mijn aandacht aan het voeden van mijn kinderen: de druiven. Alle energie die ik van de zon krijg, zet ik direct om in suiker om de cellen rond de zaadjes te voeden en te laten vermenigvuldigen, zodat de vruchtjes van maatje erwt groeien naar grote, sappige druiven.

 

Als het aan mij ligt, krijgen mijn druiven alles wat ze nodig hebben, zodat ze groot en sappig worden. Maar mijn eigenaar steekt daar een stokje voor, zoals ik in een vorige column hebben uitgelegd. Hoe dan ook: ik maak de druiventrossen zo groot als ik maar kan. De 15 procent die we afgelopen tijd zijn kwijtgeraakt, zorgt voor extra groeiruimte voor de 85 procent die nog over is!

 

In deze periode van groei gaat het niet alleen om het vergroten van de druiven, maar er gaat ook energie naar het vormen van de tannines, melkzuur, wijnsteenzuur en aroma’s. Daar vertel ik volgende week meer over, ik ga nu verder met eten en drinken voor mijn kinderen, de druifjes!
 

 

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden