Vakantie-heimwee naar Elzas

Beste Cuno,

Erg hè. Net op vakantie geweest, en ik wil alweer weg. Niks vers hoor. Een paar daagjes naar de Elzas of zo. Beetje toeren, beetje eten (en vooruit: beetje drinken). Choucroute en baeckeoffe. Kugelhopf voor het ontbijt. Rijpe munster als dessert. De Elzas is niets minder dan een paradijs voor lekkerbekken. Wel een paradijs waar je in drie dagen met gemak zeven kilo aankomt. ’t Is maar goed dat de meeste witte wijnen er zo’n fijne frisheid bezitten, want de Elzasser keuken is wat je noemt heftig. Die zuurkool met minstens vijf soorten worst en die baeckeoffe – een ovenschotel met varken, rund én schaap eet ik liever in de herfst of winter. Maar een Elzasser flammenkuche gaat er altijd in. Het is een taart van brooddeeg – een soort pizza dus eigenlijk – met spek en kaas. Hij wordt traditioneel gebakken in een houtoven, vandaar de naam ‘vlammenkoek’. Welke Elzasser zou jij daarbij drinken, Cuno?

Janneke

Flammenkuche

Voor het deeg:

  • 8 g gedroogde gist
  • 2 theelepels suiker
  • 400 g witte tarwebloem
  • 1 tl zout
  • 3 eetlepels (olijf of koolzaad)olie


voor de topping:

  • 100 gram gerookt spekreepjes
  • 1 eetlepel roomboter
  • 2 grote uien, in ringen
  • 200 gram (liefst volle, Franse) kwark
  • 200 gram rijpe (liefst boeren-) munster, in blokjes
  • versgeraspte nootmuskaat
  • versgemalen zwarte peper

Meng in een kommetje de gist met de suiker en 4 eetlepels handwarm water. Laat het vijf minuten staan, zodat de gist kan gaan werken.

Meng 350 gram bloem met het zout en maak er op het werkvlak een bergje van, met in het midden een kuiltje. Schenk hierin het gistpapje, 2 eetlepels olie en nog eens 200 ml handwarm water. Bestuif je handen met bloem en meng de ingrediënten tot een deeg.

Dat deeg moet vervolgens acht tot tien minuten worden gekneed tot het goed elastisch is en niet meer aan je handen plakt. Voeg eventueel meer bloem of juist een paar druppels extra water toe.

Maak een bal van het deeg, leg hem in een met olijfolie ingevette kom en dek deze af met een plasticfolie. Laat het deeg in ongeveer 2 uur ijzen tot het ongeveer twee keer het oorspronkelijke volume.

Bak de spekreepjes zachtjes uit in een pan met dikke bodem. Schep ze uit de pan en voeg de boter en uiringen toe. Laat de uien rustig bruin bakken.

Verwarm de oven voor op de hoogst mogelijke temperatuur (250 – 260 graden).

Bestuif het werkvlak met bloem. Stomp een keer krachtig in het deeg, zodat het weer in elkaar zakt en kneed het nog een paar minuten door. Rol het deeg uit tot een grote rechthoekige lap en spreid het uit op een bakplaat.

Meng de gebakken uien, de spekreepjes, de kwark en blokjes munster en maak het mengsel op smaak met nootmuskaat en peper. Spreid het uit over de deeglap en besprenkel met de laatste eetlepel olie.

Bak de taart 15 – 20 minuten in de hete oven.

 

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden