Wijn of thee bij de kaas

Op de Horecava in januari van dit jaar proefde mijn wederhelft Ailko voor het eerst thee (in een wijnglas) bij kaas. We kennen allemaal wel de gewoonte van de Zwitsers om thee te drinken bij een van hun nationale gerechten: kaasfondue. Het argument is dan – zo heb ik mij laten vertellen – dat je op die manier meer fondue kunt eten, want thee is niet zo ‘machtig’ als wijn. Thee bij de kaas, helemaal de trend voor 2011? De Volkskrant schreef afgelopen zaterdag in het Magazine over de toenemende zin in goede thee bij de Nederlandse consument. Het leeft onder de mensen. Gaat thee wijn vervangen wanneer we ons kaasplankje genieten, na het hoofdgerecht in een chique restaurant? Als het aan de trendwatchers ligt, wordt dat zeker een alternatief. Ailko en ik deden de proeverij van de Horecava dunnetjes over, met vijf soorten thee en een fles Pomerol als referentiekader. Mijn bevindingen wil ik graag met de lezers van Bythegrape delen. We proefden de volgende theesoorten: Oolong, Kenun, Russian blend, Gunpowder en Lapsang Soochong. De ‘referentiewijn’ was een 2001 Ch. La Grave de Pomerol. De thee proefden we in wijnglazen, op zestig à zeventig graden, nadat de damp er enigszins was afgeslagen. De kazen die mijn chef erbij had uitgezocht waren: Epoisses, Kernhem, Vacherin Mont d’or, St.Macaire en Hollandse blauwschimmel geitenkaas. We slalomden over een piste van smaken, die werden bepaald door de sterkte van de thee en hun effect op/reactie met de kazen. Op de Horecava werd de combinatie Epoisses met Lapsang geprezen, en inderdaad, het rokerige van de thee ging wonderwel met de rijke, soms dierlijke smaak van rijpe Epoisses. Verrassend vond ik vooral de Oolong met deze kaas; de thee was bloemig en de doordringende smaak van Epoisse werd wat milder. Ook de Gunpowder, een aromatische, complexe thee, deed het goed met de kaas. De Kenun vond ik het meest veelzijdig. Deze thee met een geur van versgemaaid gras/jong hooi vormde een heerlijke basis voor de kernhem, de blauwe geitenkaas en de St. Macaire, toch niet een van de makkelijkste kazen. Ondertussen realiseerde ik me dat ik niet hoefde te spugen, al proevend: thee maakt niet ‘dronken’ en is inderdaad, zoals de traditie van thee+fondue al had uitgewezen, niet maagvullend. Het moeilijkste te combineren vond ik de Russian blend, een heerlijke, zeer aromatische thee die bijna over alle kazen heen ging in smaak, hoewel de geur de kaas ondersteunde. En dan de wijn. O wat een mooi glas, die Pomerol uit 2001. Breed en diep, vol gerijpt, met wat kersen en cacao in de neus, diep fruitig, aards en kruidig in de smaak. Een wijn om solitair van te genieten. Eens te meer moest ik vaststellen dat de roodbacterie kazen niet harmoniëren met fijne Bordeaux: ze vagen de subtiliteit van de gerijpte wijn gewoon weg. Alleen de Kernhem, de enige harde kaas in de proeverij, was qua structuur en smaak een partner voor de wijn. Thee bij de kaas. Ik vind het een interessante optie, mits je daarna nog een zoet dessert serveert, omdat de tannines toch drogend werken op de maag en het mondgevoel. De thee kan toch beter geserveerd worden zoals de Chinezen dat al duizenden jaren doen: in porceleinen kommetjes, niet in glazen. De thee koelt er te snel in af en juist die temperatuur (redelijk warm) maakt een belangrijk deel uit van de smaak. Lauwe thee verliest zijn aroma. Wijn en kaas, zeker rode wijn en kaas, vraagt om veel zorg rond de combinaties. Op de harde kazen na prefereer ik witte wijn bij kaas. En af en toe een pittige.

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden